(Elsene, 1854 - Sint-Joost-ten-Node, 1925)
N.d.
Brons Legaat Van Cutsem - 1904
De ontmoeting met de Brusselse verzamelaar Henri Van Cutsem, die in 1903 zijn collectie aan de stad Doornik naliet, was een echte kans voor Guillaume Charlier, een beeldhouwer van bescheiden afkomst. In 1885 bouwde de mecenas eerst een prachtig atelier voor hem aan de Cortenberglaan in Brussel, en nodigde hem en zijn vrouw vervolgens uit om in zijn eigen woning te komen wonen, het huidige Musée Charlier aan de Kunstlaan in Sint-Joost-ten-Node. Hoewel hij dus opklom in sociale klasse, bleef Guillaume Charlier trouw de levensomstandigheden van de lagere klasse weergeven. Hij ontwikkelde een realistische kunst met een sterke sociale inslag.
Guillaume Charlier ontdekken in het Museum voor Schone Kunsten is vooral het leven en werk leren kennen van een kunstenaar die actief was aan het einde van de 19de eeuw en geleidelijk in de vergetelheid raakte, maar van wie we beelden in de openbare ruimte van de stad aantreffen. Zijn hele leven lang portretteerde hij mensen “aan de rand”, de arbeiders en het gewone volk waaruit hij zelf afkomstig was. Dit monument werd opgericht als eerbetoon aan de arbeiderswereld en toont het vertrek van een visser aan het werk, terwijl de vier haut-reliëfs op het voetstuk de verschillende fasen van zijn beroep illustreren : vertrek, open zee, terugkeer en de markt. Het feit dat de visser zich zo voor de toeschouwer plaatst, is een nieuwigheid, net als het gebruikte materiaal, namelijk brons, dat doorgaans wordt gebruikt voor beeldenvan helden of voorstellingen van belangrijke personen. De kunstenaarsgroep Cercle des XX, waar Charlier lid van was, erkende dit beeld meteen als een meesterwerk.